Verhaal

Loopfietsjes en hobbelpaarden. Speelgoed in Overijssel

Kinderen spelen al heel lang met speelgoed. Zo zijn er in de oudste beschavingen voorbeelden van bronzen speelgoedmeubilair, aardewerken poppen, dieren, ballen en tollen. Griekse en Romeinse kinderen vermaakten zich met lappen poppen, jojo's en trekkarretjes.

 

 

Uit de Middeleeuwen is weinig speelgoed bewaard gebleven. Het meeste is weggegooid of vergaan. Sommige vliegers, ballen, speelgoedsoldaatjes, hobbelpaarden, trek- en duwdieren hebben de tand des tijds wel doorstaan. De rijken konden zich speelgoed van zilver, brons of glas permitteren.

IS SPEELGOED NUTTIG?

In de zestiende eeuw ontstond een discussie over het nut van spelen en speelgoed. Calvijn was er een tegenstander van en Luther – vader van een groot gezin - zag het plezier én het nut er wel van in.

 

 

 

Op schilderijen uit de zestiende en de zeventiende eeuw wordt speelgoed steeds vaker en prominenter afgebeeld. Op afbeeldingen van Sinterklaasavonden is allerlei speelgoed te zien. Tot in de achttiende eeuw waren kinderspelen vooral bedoeld om buiten te spelen. Vanaf die tijd speelden kinderen ook steeds meer binnen. Jongens en meisjes hadden ieder hun eigen speelgoed.

 

 

MASSAPRODUCTIE

Voor 1600 werd het speelgoed meestal thuis gemaakt door broers of vaders, of in een werkplaats door pottenbakkers, houtdraaiers of metaalgieters. Na 1800 ontstond een speelgoedindustrie. Het speelgoed werd in grote hoeveelheden gemaakt, maar was aanvankelijk voor de meeste mensen te duur.  In de negentiende eeuw kwam het populaire blikken speelgoed opzetten. Door stoommachines kon er meer en goedkoper worden geproduceerd. Dit zorgde voor een stroom van betaalbaar speelgoed. Die autootjes, tollen enzovoorts zijn nu populair bij de verzamelaar, maar de ‘kids’ van tegenwoordig zitten liever achter het scherm een computerspelletje te doen.

 

 

SPEELGOED UIT OVERIJSSEL

Nog niet zo lang geleden viel aan de Stationslaan in Vroomshoop een speelgoedfabriek onder de slopershamer. De fabriek maakte vanaf 1938 speelgoed onder de merknaam Sio (Speelgoed Industrie Overijssel). Het verkoopkantoor was gevestigd in Amsterdam. Om het vooruitstrevende karakter aan te geven, werd de naam zonder hoofdletter geschreven. Sio vertegenwoordigde toentertijd in z’n eentje de hele categorie ‘industrie’ in Vroomshoop.

De fabriek werd ontworpen en geleid door het ontwerpers-echtpaar Rokus en Corrie van Blokland. Ze maakten houten speelgoed, waaronder speelgoedgarages, poppenhuizen, Sio mobilo en Sio montage, als goedkope tegenhangers van Meccano en Temsi.

Sio montage ontstond eind jaren vijftig. Het assortiment breidde binnen enkele jaren uit tot een groot aantal bouwdozen, licht- en motordozen en aanvulsets. De collectie sio montage werd tot 1982 gemaakt. De ontwerpen van de Van Bloklands hadden een opvoedkundige achtergrond (‘spelen is leren’) waarbij vorm en kleur van groot belang waren. De ontwerpen waren zó goed dat ze werden opgenomen in de vaste collectie design van het Stedelijk Museum in Amsterdam. Het ontwerpersduo werkte van 1950 tot 1980 voor sio en bouwde in die tijd een collectie op die uniek is voor Nederland.

Sio maakte ook kaart- en bordspellen, zoals Kom Mee Naar Buiten (gemaakt voor de jubilerende NVV), Huisje Boompje Beestje, Ganzenbord, Het Padvinderspel en Het Tom Poes Spel. Daarnaast had Sio de Nederlandse licentie van Scrabble.

 

 

In de jaren vijftig maakte Sio houten kruidenierswinkeltjes en later stoffenwinkeltjes. In de jaren erna kwamen winkeltjes (boutiques en later boetieks) voor tienerpoppen op de markt. In de jaren zeventig maakte sio ook poppenhuizen, boerderijen en een serie wildwest-speelstallen. Men volgde de markt en was daarmee een spiegel van de samenleving.

De fabriek brandde in 1982 af en in 1984 kwam een definitief einde aan het Sio-speelgoed. Het Speelgoedmuseum in Deventer toont de ontwikkeling van speelgoed door de eeuwen. Vanaf 1983 is dit museum gehuisvest in twee fraaie laatmiddeleeuwse koopmanshuizen aan de Brink in Deventer.

 

Dit verhaal is geschreven door Girbe Buist

Reacties